terug naar overzicht

Hoe kunnen digitale toepassingen mij helpen bij een gedifferentieerde aanpak van leerlingen?

Didactisch en pedagogisch handelen

De ‘one-size-fits-all’ manier van lesgeven in het Vlaamse onderwijs volstaat al lang niet meer om aan de noden van de leerlingen te beantwoorden. Als leraar wil je het beste uit elk van je leerlingen naar boven halen, wat neerkomt op differentiatie tussen leerlingen. Deze geïndividualiseerde benadering is ook effectiever gebleken dan de traditionele manier van lesgeven.

Je kunt er als leraar voor kiezen om de leerlingen in homogene groepen in te delen naar gelang hun niveau. Een nadeel van deze werkvorm is dat dit het lesplan vertraagt, doordat er afzonderlijke inhaalmomenten dienen georganiseerd te worden voor de groepen die behoefte hebben aan meer uitleg. De leraar moet overigens voor elk niveau apart leermateriaal voorzien. In een niet-digitale klaspraktijk vraagt deze lesvorm dus veel tijd en inspanning van leraren.

E-learning kan de voorbereiding en organisatie van gepersonaliseerd leren vereenvoudigen. Van alle technologieën die ingezet worden in het onderwijs, zijn tablets het meest gebruiksvriendelijk om gedifferentieerd leren mogelijk te maken. Indien elke leerling individueel een tablet ter beschikking heeft, kan de leerstof in principe op eigen tempo verkend worden en kunnen oefeningen gemaakt worden die aangepast zijn aan het individueel niveau van de leerling.

Met een technologie alleen zul je echter weinig vooruitgang kunnen boeken. Er is ook nood aan adaptieve leersystemen die zich kunnen aanpassen aan de behoeften en eigenschappen van de individuele leerlingen. Dit kan helpen om het verwerven van kennis en vaardigheden mogelijk te maken. Uit een Edutab-analyse van 338 educatieve applicaties in Vlaanderen bleek echter dat 78% van de apps niet adaptief is en dus geen flexibel traject aanbiedt dat aangepast is aan de leercurve van de leerling. De bestaande adaptieve apps zijn dus moeilijk te vinden, en bleken bovendien vaak beperkt tot één vakgebied.

Bij onze noorderburen bestaan er wel al tal van adaptieve applicaties, waarbij de moeilijkheidsgraad van de oefeningen afgestemd is op de kennis van de leerlingen (vb. Rekentuin en Taalzee). In Vlaanderen zijn differentiatie-initiatieven vooral afkomstig van uitgeverijen. Zo biedt bijvoorbeeld Uitgeverij Van In het online leerplatform Diddit aan dat afgestemd is op hun handboeken en werkboeken, waarbij leerlingen en leraren samengebracht worden. Enerzijds kunnen leraren zelf oefeningen voorstellen in functie van het tempo en het niveau van de leerlingen, anderzijds kunnen de leerlingen ook op eigen initiatief oefeningen op maat maken. Een alternatief dat meer voorbereiding vraagt van de leraar is Drillster. Of jouw nadruk nu ligt op kennis of vaardigheden, in beide gevallen kun je alle leerstof in vraag-antwoordvorm ingeven in het leersysteem.

Maak gebruik van bestaande adaptieve platformen als Rekentuin, Taalzee of Diddit. Of breng je eigen leerstof in vraag-antwoordvorm in in Drillster.

Meer lezen over dit topic, kan onder het tabblad conclusies op deze website: 'Vele apps zijn onvoldoende aangepast aan het Vlaamse curriculum'


Bronnen:
  • Mind the app-gap
  • Vandewaetere, M., Desmet, P., & Clarebout, G. (2011). The contribution of learner characteristics in the development of computer-based adaptive learning environments. Computers in Human Behavior, 27(1), 118-130.