terug naar overzicht

Wat is de ideale klasschikking om aan de slag te gaan met digitale technologieën tijdens de les?

Didactisch en pedagogisch handelen

De klasschikking heeft een impact op leren, maar betogen dat ‘dé ideale klasschikking’ bestaat zou iets te kort door de bocht zijn. De klasschikking is afhankelijk van een aantal karakteristieken van de context, de aard van de groep en de leerstof. Indien je over een grote ruimte beschikt met veel stopcontacten en een bord dat goed zichtbaar is vanuit elke hoek van de klas heb je als leraar meer vrijheid bij het bepalen van je klasschikking dan indien dit niet het geval is. Daarnaast zijn de grootte van de leerlingengroep en hun vermogen om aandachtig te zijn ook van belang. Een klascontext die verschillende onderwijsvormen mogelijk maakt, maar ook op langere termijn flexibiliteit hoog in het vaandel draagt, benadert ‘de ideale klas’.

 

Algemeen merken we dat de meeste scholen uitgerust zijn met een PC-klas en bijgevolg dienen andere klaslokalen het slechts met één computer te stellen. Die ene computer is echter ontoereikend indien elk van je leerlingen aan de slag dient te gaan met digitale technologieën tijdens je les. Zoals een leraar het ooit in een interview stelde: “Eén computer in een klas is even nuttig als drie potloden voor 27 leerlingen”.

 

Uit een kwalitatief EduTab-onderzoek bij tien leraren, werd duidelijk dat de voorkeur voor bepaalde technologieën, alsook de context en met welk doel die ingezet worden, verschilt van leraar tot leraar. Zo wensen leraren die weinig voeling hebben met technologie de klassieke klassetting te behouden, waarbij alle bronnen van kennisoverdracht (leraar, krijtbord, computer) zich vooraan in de klas bevinden. Meer innovatieve leraren hopen in hun ideale klas dat leerlingen aan de slag kunnen met een grote variatie aan technologieën (PC, camera, TV, smartboard, smartphones, tablets, …). Bovendien is deze klas ingedeeld in verschillende zones afhankelijk van de werkvorm (klassiek lesgeven, samenwerken, …) en wensen ze niet langer beperkt te worden in hun bewegingsvrijheid door dat ene computerscherm vooraan in de klas.

Eén computer in een klas is even nuttig als drie potloden voor 27 leerlingen

leraar, Turbill, 2001

Bronnen:
  • Tondeur, J., De Bruyne, E., Van Den Driessche, M., McKenney, S., & Zandvliet, D. (2015). The physical placement of classroom technology and its influences on educational practices. Cambridge journal of education,45(4), 537-556.
  • Turbill, J. (2001). A researcher goes to school: Using technology in the kindergarten literacy curriculum. Journal of Early Childhood Literacy, 1(3), 255-279.
  • EduTab: kwalitatief onderzoek (probing box) najaar 2015